|
Autobiography |
Ballet | Books | Dolls & Costumes
| Gardens | Kinesthetic | Main | Meditation and Prayer |
Rhythmic Dance | Spirituality | True Spiritual Stories | Yoga |
|
Copyright
2004-2011 Susan Kramer Meditatie voor volwassenen |
Deze
korte meditatie verhalen zijn gesitueerd in en om een dorpje
aan de Noordzee kust van Noord-Holland.
Door
hun avonturen tijdens het buiten spelen en door dieren in de natuur te
observeren,
ontdekken Anneke en Hans, een negenjarige tweeling,
allerlei manieren om te mediteren.
Laten
we de tweeling volgen en zien wat ze leren!
Opmerking: de personages en verhalen zijn verzonnen, maar de
meditatielessen zijn echt.
Inhoud
1. Anneke en Hans leren een zitmeditatie
aan het strand
2. Anneke en Hans leren een dansmeditatie
3. Anneke en Hans leren een
ontspanningsmeditatie
4. Anneke en Hans leren een loopmeditatie
5. Anneke en Hans leren een les - instant
meditatie
6. Anneke en Hans vieren Kerstmis
7. Anneke en
Hans leren dankbaarheid
Boek
Links
Het is zaterdagmorgen en Anneke en Hans klauteren op hun fiets. Ze willen het
fietspad van bakstenen in visgraatpatroon gaan volgen dat drie kilometer lang
door de duinen slingert en aan zee uitkomt.
Links
en rechts langs het pad passeren ze eikenbossen en dan weer open weiden, met af
en toe een vennetje omringd door grassen, riet en lisdodde. Veel eenden en
andere vogels huizen het hele jaar door in dit duinlandschap of verblijven er
tijdelijk op hun vogeltrek.
Anneke ontdekt een nieuwe familie wilde eenden met hun veelkleurige mannetjes
en geelbruine vrouwtjes. Hans ziet een groep meerkoet mannetjes en vrouwtjes
met hun witte voorhoofd en zwarte lijf.
Dan ziet de tweeling plots een aalscholver laag overvliegen, die met een lange
dunne tak in zijn snavel terugkeert naar zijn nest in het midden van een grote
vijver.
Hans en Anneke pauzeren niet lang op hun tocht vandaag, want ze willen graag
snel naar het strand. Op het vlakke wijde zandstrand dat heel geleidelijk uit
zee oprijst willen ze schelpjes verzamelen voor kunstwerkjes.
Als ze bijna bij hun bestemming zijn houden ze een wedstrijdje wie er het
eerste is, terwijl ze de laatste hoge duinhelling begroeid met helmgras op- en
weer afrijden. Plotseling moeten ze stoppen als het stenen fietspad ineens
ophoudt in het rulle zand.
Hun ogen moeten zich even aanpassen om de horizon van de zee te kunnen zien,
die nauwelijks te onderscheiden is van de grijsblauwe lucht erboven.
Buiten adem zetten Hans en Anneke hun fiets op slot tegen de handige houten
reling aan het eind van het fietspad. Dan gaan ze even zitten uitrusten aan de
voet van het duin dat op zee uitkijkt.
Omdat ze stil en rustig zijn, komt een zeemeeuw heel dichtbij. Aan de rand van
het water zien ze golven van een halve meter hoog het strand opspoelen en door
de zwaartekracht weer terugvloeien. Toch staat hun zeemeeuw vriend, ‘Manus
Meeuw’ zoals ze hem noemen, stevig in het water dat het strand op spoelt.
De
twee kinderen maken van de gelegenheid gebruik om rechtop te zitten en net te
doen of ze een zeemeeuw zijn.
Terwijl de golven regelmatig aanrollen en terugvloeien, vindt hun ademhaling
heel natuurlijk zijn eigen gelijkmatige beweging.
Na een minuut of zo zijn Anneke en Hans weer uitgerust en rennen ze naar de
rand van het water, achter hun nieuwe meeuwenvriendje aan.
Maar ze kunnen alleen nog maar een glimp van zijn witte buik opvangen als hij
wegschiet over zee.
Ze
richten hun aandacht nu weer op het verzamelen van de schelpen, waarvoor ze
gekomen zijn. Ze rapen een paar handen vol van de schelpen die ze bijzonder
vinden bij elkaar.
Met de schelpen in hun rugzak lopen ze weer naar hun fiets en zo keren broer en
zus terug naar huis.
Maar de gebeurtenissen van die dag met Manus Meeuw aan zee zijn niet vergeten.
Tot op de dag van vandaag, als de twee even moeten uitrusten, nemen ze een paar
minuten de tijd om stil te zitten, terwijl hun ademhaling regelmatig in- en
uitstroomt, zoals de golven die steeds maar weer het strand opspoelen en
terugvloeien naar zee.
Dit is een avontuur van Anneke en Hans, een 9 jaar oude tweeling, die in een
Noord-Hollands dorp wonen, waar veel met bos begroeide parkjes en brede sloten
zijn.
Na
een extra drukke dag op school wilden de twee kinderen eens een keertje heel
kalm aan te doen op hun weg naar huis. Daarom besloten ze de kronkelpaadjes te
nemen door een nabijgelegen park met hoge populieren, taxusbomen en zwarte
bramen langs de oever van een ondiepe vaart.

Toen
ze voorbij de school buiten de beschutting van de hoge bakstenen huizen met hun
spitse daken waren gekomen, betraden ze een klein bos. Hans en Anneke merkten
dat de wind harder blies dan ze hadden verwacht. Daarom stopten ze even naast
het pad om hun jacks aan te doen.
Boven
hun hoofd hoorden ze het gezang van de vogels en zagen ze de toppen van de hoge
populieren heen en weer zwaaien. Het leek of de vogels, met hun veren opbollend
door de wind, in elkaar gedoken zaten en zich stevig vastklampten aan de takken
om hun evenwicht niet te verliezen.
Omdat
kinderen graag spelen en de natuur nabootsen, kreeg Anneke het idee om te doen
alsof ze de wind in de hoge bomen waren en daarbij hun armen boven hun hoofd
heen en weer van links naar rechts en terug te zwaaien. Dus begonnen de
kinderen in een dans van een paar minuten het ruisen van de wind te imiteren
door in en uit te ademen als ze naar rechts bogen en in en uit te ademen als ze
naar links bogen.
Toen
ze een ogenblikje uitrustten, drong het tot Hans door dat hun ‘wind dans’ de
spanning van school had opgelost en hij vertelde het aan zijn zus. Ze waren het
erover eens dat ze zich nu veel beter voelden.
Op
dat moment zagen ze een Vlaamse gaai hoog in de boom zitten en ze noemden hem
‘Guus de Gaai’. Hij liet telkens opnieuw een ritmische roep horen van ‘ie – ie
–iek’, ‘ie – ie –iek’, helemaal opgaand in zijn missie.
Anneke
en Hans merkten ook andere vogels op die een ritmisch gezang lieten horen. Ze
probeerden de roep van de vogels na te bootsen, maar het was moeilijk om de
geluiden goed te horen. Ze zeiden tegen elkaar dat ze meer tijd en aandacht
moesten besteden aan het gezang van de vogels om hun roep echt goed te leren.
Na
een poosje lieten ze het kleine bos achter zich en liepen het pad naar huis op.
Ze vergaten de les van die dag niet en wisten voortaan dat dansen met
regelmatig in- en uitademen hun spanning oploste en hen weer met frisse energie
vulde!
Opmerking:
de personages en verhalen zijn verzonnen, maar de meditatielessen zijn echt.
In dit verhaal volgen we Anneke en Hans als ze een naburige wei verkennen en
van moeder natuur een nieuwe manier van mediteren leren.

Op een bijzonder warme voorjaarsmiddag besloot de tweeling om na schooltijd
door een naburig park te wandelen in de richting van een wei naast een kleine
geitenboerderij. De lessen waren echt inspannend geweest en Anneke en Hans
waren het erover eens dat ze eerst wat moesten ontspannen voordat ze naar huis
gingen.
Toen ze uit het park kwamen, zagen ze dat de wei in een kleurig bed van wilde
paarse orchideeën en gele ratelaars aan het veranderen was. Ze konden het niet
laten om de nieuwe bloei eens van dichtbij te bekijken.
Toen ze een tijdje over een smal wildspoor van platgetrapt gras hadden gelopen
werd de tweeling moe en warm en besloot te gaan liggen. Ze strekten zich alle
twee uit op hun rug en keken omhoog naar de witte wolkslierten die eruit zagen
als katoenpluisjes die tegen de achtergrond van de blauwe lucht voorbij dreven.
Anneke merkte op dat terwijl ze daar zo stil lagen, kijkend naar de
voorbijdrijvende wolken en luisterend naar de tjirpende vogels in de bomen
verderop, ze zich ontspannen en zelfs verfrist begon te voelen. De problemen
van school leken al een vage herinnering te worden.
Hans was het met haar eens en de tweeling bleef nog zo’n goede 10 minuten in het
grasland liggen voordat ze opstond en het pad door het park naar huis volgde.
De week daarop, toen Hans in zijn slaapkamer zat te studeren, had hij dringend
behoefte om even te rusten. Hij herinnerde zich hoe ontspannend het liggen in
het gras van de wei was geweest.
Daarom strekte hij zich op zijn bed uit op zijn rug, sloot zijn ogen en ging in
gedachten terug naar de wei. Hij herinnerde hoe de warme zon zijn lichaam had
laten ontspannen en het tjirpen van de vogels zijn geest van problemen had
verlost. Weldra voelde hij zich vredig en uitgerust.
Sinds die keer dat hij ‘ontspanningsmeditatie’ op zijn bed had beoefend, heeft
Hans, als hij moe is en onder druk staat, vaak de tijd genomen om van deze
korte meditaties te genieten, waarbij hij uitrust en in gedachten teruggaat
naar de bloemen en vogels in de wei.
Opmerking: de personages en verhalen zijn verzonnen, maar de meditatielessen
zijn echt.
Als ze hun ontbijt van boterhammen met pindakaas en chocoladevlokken op hebben,
doen Anneke en Hans hun rugzakken om. Moeder heeft ze gevraagd om boodschappen
te doen en een grof volkorenbrood en een stuk oude Goudse kaas te halen.

Terwijl ze over het voetpad langs de vaart lopen, met ganzen die over het gras
langs de oever waggelen en eenden die hen bij proberen te houden, laten Anneke
en Hans hun armen naar voren en achteren zwaaien, terwijl ze in een gelijkmatig
ritme voortstappen. Ze zingen het ABC lied en zetten bij elke letter een stap:
A, B, C, D, E, F, G - stap, stap, stap, stap, stap, stap, stap - het hele lied
lang.
Hun gezang wekt een glimlach op bij de mensen die ze passeren - misschien is de
vreugde in de stem van de twee kinderen wel besmettelijk.
Dan zetten ze een nieuw lied in.
“Lekker lopen, in de pas,
Lekker lopen, in mijn sas.
Rechter voet naar voren,
Linker arm zwaait mee.
En linker voet naar voren,
Rechter arm zwaait mee.
Lekker lopen, in de pas,
Lekker lopen, in mijn sas.”
Dankzij hun kwieke stap en het zingen van de liedjes komen ze meer verkwikt in
de Dorpstraat aan dan toen ze van huis gingen.
Ze stormen de twee winkels binnen, kopen hun waren en bergen ze op in hun
rugzak. Daarna volgen Anneke en Hans een vrolijk pad naar huis, waarbij ze weer
zingen en in de maat voortstappen.
Een andere keer, als Anneke zich rusteloos voelt, herinnert ze zich de
verkwikkende wandeling die zij en Hans naar de winkelstraat hadden gemaakt. Ze
gaat naar buiten en doet gewoon na wat ze toen hadden gedaan - stevig
voortstappen en onder het zingen de armen naar voren en naar achteren zwaaien.
Als ze van deze ‘loopmeditatie’ thuiskomt, voelt ze zich opnieuw ontspannen en
verfrist!
Op het moment dat het avontuur van vandaag begint, zien we Anneke en Hans over
de stoep met de vierkante betonnen tegels huppelen.

O jee! Een eindje voor hen uit is hun vriend Max van zijn fiets gevallen! Onze
kinderen rennen naar Max toe, die - een jaar jonger dan de tweeling -in tranen
is uitgebarsten. Hij is bang dat hij gewond is en voelt zich ook belachelijk,
omdat hij is gevallen!
“Max, het is okay!” roepen ze alle twee om beurten.
“Kom, kijk eens of je rechtop kunt zitten,” zegt Hans terwijl hij zijn vriend
helpt zitten. Ondertussen raapt Anneke zijn fiets op en zet hem tegen een
lantaarnpaal.
“Haal eens een paar keer diep adem,” zegt Hans tegen Max, “Dan voel je je al
een stuk beter.”
Hans, die een jaar ouder was dan Max, had al ontdekt dat hij met een paar keer
diep ademhalen, als hij van streek was, zich veel beter voelde.
Als ze een paar minuten eerst met Max hebben gezeten en, later, gestaan, haalt
iedereen weer gemakkelijker adem. Daarna lopen de tweeling en Max met zijn
fiets aan de hand langs de vaart naar het huis waar Max woont.
De moeder van Max ziet de drie kinderen over de stoep aankomen en merkt
onmiddellijk het betraande gezicht van Max op. Ze is Anneke en Hans erg
dankbaar dat ze Max thuis hebben gebracht en nodigt hen in huis voor verse
koekjes. Dit geeft de drie vrienden de kans om hun kant van het verhaal te
vertellen, over wat er gebeurd is.
Als ze even later naar huis lopen praat de tweeling over hoe goed het voelde
dat ze Max vlak na zijn ongeluk konden helpen. Ze realiseren zich ook dat hun
behulpzaamheid de onverwachte beloning van een dankbare blik van Max’ moeder
heeft opgeleverd en de extra verrassing van haar zelfgebakken koekjes!
Er zijn twee lessen in dit verhaal.
1. ‘Wie goed doet, goed ontmoet’.
2. De instant meditatie techniek van een paar keer diep ademhalen bij spanning
helpt om je weer ontspannen te voelen.
We bevinden ons in een Hollands dorpje aan zee. Op deze kerstmorgen wordt het
licht stralend weerkaatst door de sneeuw die 's nachts vanuit het noordwesten
is binnengewaaid.
Anneke en Hans, een tweeling, zijn vroeg op en gaan straks met hun ouders naar
een kerkdienst. Gelukkig hoeven ze maar een paar straten te lopen, want het zou
veel te glad zijn om te fietsen.

Hans
en Anneke dragen gevoerde laarzen, een warme broek, jas, muts, das en wanten.
Het duurt even voordat ze klaar zijn voor de tocht. Ma en Pa dragen lange
winterjassen en een das meerdere keren om hun hals gewikkeld; handschoenen
maken hun uitrusting kompleet.
Net als ze de deur uitstappen zien ze de verrassing die Pa voor hen heeft
klaargezet: hij heeft de sleeën vanuit het schuurtje in de achtertuin naar de
stoep voor het huis gebracht en beide kinderen krijgen een ritje naar de kerk
op de slee, getrokken door hun ouders. Dit is echt een feestje, want door de
week moeten ze in hun laarzen door de sneeuw naar school ploeteren.
Als ze bij de kerk aankomen, stallen Pa en Ma de sleeën naast het fietsenrek en
het gezin gaat de kerk binnen onder de klanken van de orgelmuziek van Georg
Friedrich Händel "Joy to the world". "Vreugde voor heel de
wereld! De Heer is gekomen; laat de aarde haar Koning ontvangen".
De kinderen voelen eerbied en geluk bij het luisteren naar de opwekkende en
hoopgevende muziek. Ze zouden willen dat elke dag als Kerstmis voelde, vol
vreugde en muziek. Het koor zingt nog verschillende andere kerstliederen en het
hele gezin zingt de refreinen mee.
De predikant geeft een preek over de betekenis van Kerstmis: dat het bedoeld is
voor iedere dag als een wedergeboorte van liefdevolle vriendelijkheid in ons
hart; dat de onschuld van het Kind van Bethlehem ons eraan herinnert om geheel
en al belangeloos te geven voor het bewaren van onze innerlijke vrede en om
familie en naasten te helpen wanneer nodig.
Daarop vouwen de verzamelde kerkgangers hun handen en buigen het hoofd voor een
paar minuten van stil gebed en meditatie, om de boodschap van zorgzame liefde
te overwegen en te bedenken hoe deze in praktijk kan worden gebracht. De
tweeling voelt zich vreedzaam in deze momenten en de kinderen besluiten dat de
helpende hand bieden en vriendelijk zijn hen werkelijk het beste geluksgevoel
geeft.
De hele weg naar huis bedenken ze hoe leuk het zal zijn om hun ouders te helpen
bij de voorbereidingen voor het bezoek van de familieleden later op die dag.
Anneke gaat helpen met het dekken van de tafel en samen met Ma koekjes bakken.
Hans gaat Pa helpen met het naar binnen brengen van de gekloofde houtblokken om
het vuur in de open haard gaande te houden, die tegen de lange wand van de
gecombineerde eet- en zitkamer is geplaatst.
De dag wordt erg druk, familieleden arriveren, iedereen eet, de stemmen worden
luider bij het vertellen van sterke verhalen en ophalen van gedeelde
herinneringen. Als Anneke en Hans eindelijk in bed liggen ingestopt, beloven ze
zichzelf dat ze niet zullen vergeten dat vriendelijkheid en zorgzaamheid door
een handje te helpen waar ze kunnen, hen een geschenk van onschatbare waarde
geeft, niet alleen met Kerstmis, maar elke dag van het jaar.
We bevinden ons in een dorpje vlakbij de duinen en de zee, wanneer het verhaal
begint...
Anneke en Hans en hun ouders zijn deze zaterdagmorgen naar het schoolplein om
te helpen bij het opzetten van een rommelmarkt voor de buurt. Deze jaarlijkse gebeurtenis
geeft elk gezin de kans om wat nog bruikbaar is in klerenkast, speelgoedkast,
of waar dan ook in huis, aan het goede doel te schenken. Van het geld dat
daarmee wordt binnengehaald, kunnen toestellen voor het speelplein worden
gekocht.
Pa
gaat in de schuur kijken of hij stukken gereedschap die daar al een tijd liggen
opgeslagen, nog echt nodig heeft en Ma loopt haar keukenkastjes na om te zien
of er nog pannen zijn die ze kan missen.
De kinderen horen hun ouders tegen elkaar zeggen dat ze dankbaar zijn dat ze
meer bezitten dan ze werkelijk nodig hebben en het aan anderen kunnen geven die
het nog goed kunnen gebruiken. Aan de glimlach op hun gezicht kan Anneke zien
dat ze echt blij zijn dat ze iets kunnen wegschenken.
Als ze hun ouders dingen zien opzoeken om te delen, gaan de twee de trap op
naar hun slaapkamers, Anneke op de eerste verdieping met uitzicht op de
voortuin en de straat, Hans in de verbouwde zolderkamer met uitzicht op de
gouden regen boom in de achtertuin.
Eerst zoeken ze in hun klerenkast naar kleren die hen te klein geworden zijn.
Anneke vindt een overgooier en bloes van twee jaar geleden, waar ze beslist
uitgegroeid is en deze legt ze op haar bed. Dan staan er op de bodem van de
kast nog verschillende paren schoenen op een rij, waar ze niet meer in kan. Die
wikkelt ze in een oude krant en legt ze naast de overgooier en de bloes. Anneke
is dankbaar dat een ander kind ze nu kan krijgen.
Hans is een verdieping hoger met hetzelfde als zijn zus bezig. Hij heeft twee
broeken gevonden, die hem veel te krap zijn en brengt deze naar Annekes kamer.
De twee nemen de spullen op in hun armen en huppelen tegelijk de trap af, om
hun moeder te laten zien wat ze weg te geven hebben.
Ma en Pa stoppen alles in plastic zakken die ze bij het boodschappen doen
hebben overgehouden. Het gezin stapt op de fiets en gaat op weg naar de tafels
die voor de verkoop staan opgesteld. Veel andere gezinnen zijn hun spulletjes
voor de rommelmarkt al aan het uitstallen. Alles wordt zo laag geprijsd dat de
kopers kunnen betalen wat ze echt nodig hebben.
Anneke en Hans voelen zich dankbaar, energiek en positief dat ze spullen hebben
die ze met de jongens en meisjes van de buurt kunnen delen en enthousiast jagen
ze op los papier dat in mini wervelwinden over de speelplaats vliegt.
Ma en Pa zien hoe Anneke en Hans over de tegels huppelen en zeggen tegen elkaar
dat ze trots zijn op hun enthousiasme dat door het geven aan anderen is
opgewekt. Het stemt de ouders tot nadenken dat delen en dankbaarheid positieve
ervaringen zijn. Ze zijn blij dat de kinderen deze kans krijgen om te leren dat
het goed voelt om te geven, om te kunnen delen.
Langzamerhand komt de morgen tot zijn eind; de rommelmarkt is heel geslaagd.
Het gezin fietst naar huis en zet zich aan tafel voor een lunch van ham, kaas,
gesneden tomaten en komkommer op gesmeerde broodjes.
Voor het eten nemen ze de tijd om elkaars handen vast te houden in een moment
van stille meditatie en samen dit gebed van dankbaarheid en waardering uit te
spreken voor wat ze hebben en hoe goed het voelt om te delen:
"Ons gezin hier tezamen, hand in hand,
Zegt dank voor alles wat we kunnen delen.
Laat ons elke dag deze zegen niet vergeten
En hoe belangrijk het is om ergens om te geven."
Fundamentele
bewegingen voor kinderen met dansjes, meditaties en yoga
16 ritmische, basale,
motorische vaardigheden, 9 dansjes, 9 meditaties voor ontspanning
en 15 zacht bewegende yoga houdingen voor kinderen van alle leeftijden en
bekwaamheden.
Volledig geïllustreerd, 108 pagina's.
Susan Kramer, M.A., Ph.D. is an
international author of more than 50 collections and 150 articles on rhythmic
movement, modern dance, ballet, music, philosophy, relationships, social
issues, meditation, yoga and practical spirituality for children, teens, adults
and those challenged, and with her husband, Stan Schaap- http://www.powertoshare.com resides in
Amsterdam, The Netherlands.
Email susan@susankramer.com
Biography http://www.susankramer.com/Biography.html
Home Page http://www.susankramer.com